Robert-Jan Asselbergs Transitie naar een duurzaam en gezond voedselsysteem
De transitie naar een duurzaam en gezond voedselsysteem versnellen
De transitie naar een duurzaam en gezond voedselsysteem is een van de meest complexe maatschappelijke opgaven van deze tijd. Ons is voedselsysteem diep verweven met onze economie, gezondheid, landbouw, natuur, ruimtelijke ordening, cultuur (identiteit) en dagelijks gedrag.
Het voedselsysteem is geen afgebakende sector, maar een samenspel van ketens, gebieden, instituties, verdienmodellen, gedragsroutines, regelgeving, publieke voorzieningen en maatschappelijke normen. Juist daarom laten de grootste opgaven in het voedselsysteem zich niet oplossen met één maatregel, één technologie of één beleidsprogramma. Zij vragen om systeemverandering. Die al deels gaande is.
De Transitiecoalitie Voedsel heeft zichzelf de taak opgelegd de systeemverandering (‘transitie’) van het voedselsysteem aan te jagen en te versnellen, door nieuwe impulsen te geven, samenwerkingsverbanden te creëren, pionierswerk te helpen opschalen en voor passende maatregelen te lobbyen.
Het huidige voedselsysteem is historisch gegroeid vanuit legitieme doelstellingen als voedselzekerheid, betaalbaarheid, productiviteitsgroei en logistieke efficiëntie. Dat heeft veel opgeleverd. Tegelijkertijd is in de loop van de tijd steeds duidelijker geworden dat de huidige situatie ook grote maatschappelijke schaduwkanten heeft.
- De ecologische druk van productie en consumptie is hoog.
- De ook negatieve invloed van voeding op volksgezondheid is een groeiend maatschappelijk vraagstuk.
- Veel boeren opereren onder hoge druk en met geringe marges.
- En een aanzienlijk deel van de maatschappelijke kosten van het systeem wordt niet gedragen door degenen die er direct economisch voordeel van hebben, maar afgewenteld op de samenleving, toekomstige generaties en de leefomgeving.
Wie het voedselsysteem wil veranderen, moet daarom niet alleen kijken naar zichtbare symptomen, maar ook naar de onderliggende patronen, structuren en overtuigingen. In onze analyse is sprake van drie samenhangende vormen van ‘systeemfalen’: marktfalen, overheidsfalen en vastgelopen machts- en belangenstructuren.
Van marktfalen is sprake wanneer prijzen, investeringen en marktkeuzes de werkelijke maatschappelijke waarde en schade niet weerspiegelen. Dat is in het voedselsysteem op tal van manieren zichtbaar. Klimaatschade, biodiversiteitsverlies, waterverontreiniging en gezondheidseffecten worden slechts beperkt of helemaal niet in prijzen verdisconteerd. Individuele spelers kunnen dat maar beperkt oplossen, vooral overheden zouden regels moeten stellen om het marktfalen op te lossen. Maar dat gebeurt te weinig, onvoldoende en te laat. Dat is overheidsfalen. Dat is deels te wijten aan macht, invloed en belangen die met de ontwikkeling van het landbouw- en voedselsysteem zijn ontstaan. Die houden verandering liefst af, om begrijpelijke redenen. Dat maakt de transitie niet alleen een landbouw- en voedingskundig en maatschappelijk maar ook politiek vraagstuk.
De druk neemt echter toe. Niet alleen door wetenschappers en maatschappelijke organisaties, maar in toenemende mate ook door de politiek en door bedrijven die nieuwe modellen en praktijken ontwikkelen, vooruitlopend op nieuw beleid en verschuivende markten. Zo ontstaat ook druk op gevestigde spelers om mee te veranderen.
Padenvinder
Transities kunnen worden begrepen met behulp van de X-curve. Die maakt zichtbaar dat transitie meestal uit twee gelijktijdige bewegingen bestaat: een opgaande lijn van opbouw van nieuwe ideeën, praktijken, coalities en institutionele arrangementen, en een neergaande lijn van afbouw van bestaande structuren, routines en verdienmodellen. Beide bewegingen zijn noodzakelijk en versterken elkaar. Nieuwe alternatieven krijgen pas echt ruimte wanneer oude structuren aan legitimiteit en vanzelfsprekendheid verliezen. Tegelijkertijd wordt de afbouw van oude systemen pas politiek en maatschappelijk houdbaar, wanneer er geloofwaardige nieuwe perspectieven bestaan.

Voor de Transitiecoalitie Voedsel is deze X-curve geen abstract model, maar een praktische leidraad voor onze rolopvatting. Wij richten ons vooral op de opgaande lijn: het ontwikkelen van nieuwe praktijken, coalities, verdienmodellen, interventies en beleidsrichtingen. Wij zijn niet de organisatie die zich toelegt op confrontatie, naming and shaming of het actief afbreken van bestaande structuren. Die rol ligt eerder bij activistische organisaties, maatschappelijke campagnes, juridische procedures of politieke tegenmacht. Tegelijkertijd erkennen wij dat die neergaande lijn onmisbaar is. Zonder druk op onhoudbare structuren komt transitie onvoldoende op gang. Wij proberen wel structurele prikkels die ervoor zorgen dat onhoudbare praktijken te lang doorgaan worden bijgesteld, denk aan subsidies die de biodiversiteit schaden.
Partijen kunnen op een punt komen dat ze op de neergaande curve komen en nieuwe perspectieven nodig hebben; dan werken we graag met ze samen om de ‘oversteek’ te maken.
De Transitiecoalitie Voedsel opereert als transitie-gids: we zijn geen klassieke belangenorganisatie die vaste standpunten verdedigt, en ook geen neutrale kennisinstelling die zich beperkt tot analyse. We jagen de transitie aan door coalities te vormen, deeltrajecten te begeleiden, nieuwe wegen te verkennen, en soms ook confronterende analyses de wereld in te slingeren. ‘Padenvinder’ zou wel een mooie omschrijving zijn.
Deze rolopvatting heeft ook gevolgen voor hoe wij communiceren. Onze boodschappen zijn in beginsel transitiegericht, niet moraliserend of activistisch. . Wij formuleren geen oordeel omwille van het oordeel zelf, maar laten zien hoe verandering mogelijk is en welke interventies in een bepaalde fase logisch zijn. ‘Als we deze richting kiezen, ontstaan deze maatschappelijke baten, en dit zijn de logische stappen om daar te komen.’ Dat betekent zeker niet dat wij neutraal zijn in de richting van verandering. Het betekent wel dat wij proberen systeemkennis te vertalen in uitnodigende, handelingsgerichte en coalitievormende boodschappen.
Hoe doen we dat?
Transitieworkshop
Vroeg of laat worden transities een uitdaging voor serieuze, toekomstgerichte organisaties. Hoe pakt u(w organisatie) dit aan?
GGD Amsterdam Wij zorgen voor krachtenbundeling, kennisdeling en aanzetten tot onderzoek & innovatie.