
Begin juni waren Bregje Hamelynck en Sigrid Hettinga namens de Transitiecoalitie Voedsel aanwezig bij de slotconferentie van het vierjarige Europese FOSTER-project in Brussel. Vier jaar lang werkten onderzoekers en praktijkorganisaties samen aan één centrale vraag: hoe zorgen we ervoor dat Europees onderzoek beter bijdraagt aan een toekomstbestendig voedselsysteem?
De Europese Unie investeert jaarlijks miljarden euro’s in kennis en innovatie voor landbouw en voedsel. FOSTER onderzocht hoe die investeringen beter kunnen bijdragen aan de transitie naar een duurzaam, gezond en toekomstbestendig voedselsysteem. Een belangrijke conclusie: erken de praktijk als volwaardige bron van kennis en geef vernieuwers een veel grotere rol bij het bepalen van de onderzoeksagenda.
Dagelijks nieuwe vraagstukken
Natuurinclusieve boeren, ondernemers die gezondere en minder ultra-bewerkte producten ontwikkelen, stadslandbouwinitiatieven en andere koplopers beschikken over waardevolle praktijkkennis én lopen dagelijks tegen nieuwe vraagstukken aan. Hun kennis, ervaringen en vragen verdienen een veel grotere plek bij het bepalen van de onderwerpen en prioriteiten voor nieuw onderzoek.
Een inspirerend voorbeeld kwam uit de gezondheidszorg. Patiënten helpen daar mee om onderzoeksprioriteiten vast te stellen en ontvangen een vergoeding voor de tijd die zij daarin investeren. Die aanpak zorgt ervoor dat onderzoek beter aansluit bij de vragen uit de praktijk. Voor het voedselsysteem liggen hier vergelijkbare kansen.
Deelnemen aan onderzoeksprogramma’s
De gesprekken gingen bovendien verder dan de onderzoeksagenda alleen. Ook de manier waarop onderzoek wordt georganiseerd vraagt aandacht. Europese onderzoeksprogramma’s zijn vaak gebaseerd op publiek-private samenwerking (PPS), waarbij bedrijven zelf meefinancieren. Voor veel mkb-bedrijven, boeren en maatschappelijke initiatieven vormt dat een hoge drempel. Juist veel vernieuwers beschikken niet over de middelen om aan deze onderzoeksprogramma’s deel te nemen. De aanbevelingen uit FOSTER richten zich daarom zowel op de inhoud van de kennisagenda als op de processen, voorwaarden en financieringsvormen waarmee die agenda tot stand komt.
Nu begint het echte werk
Voor de Transitiecoalitie Voedsel bevestigde dit de rol die wij willen blijven vervullen. Wij brengen kennis, ervaringen en vragen van vernieuwers uit de praktijk bijeen en verbinden die met onderzoekers, beleidsmakers en financiers. Zo dragen we eraan bij dat praktijkervaringen hun weg vinden naar de plekken waar onderzoeksagenda’s en beleidskeuzes worden gemaakt. Aan het einde van de conferentie realiseerden we ons hoe belangrijk de komende periode wordt. Voor de onderzoekers is het project afgerond; voor de praktijk begint het werk nu pas. De aanbevelingen uit vier jaar samenwerking verdienen een vervolg in Europees beleid én in toekomstige onderzoeksprogramma’s.
‘ Voor de Transitiecoalitie Voedsel bevestigde dit de rol die wij willen blijven vervullen. Wij brengen kennis, ervaringen en vragen van vernieuwers uit de praktijk bijeen en verbinden die met onderzoekers, beleidsmakers en financiers.’ – Sigrid Hettinga, directeur-bestuurder
De Transitiecoalitie Voedsel wil ook de komende jaren een brug blijven slaan tussen praktijk, beleid en onderzoek. Dankzij de steun van onze leden en financiers kunnen wij deze verbindende rol vervullen. We hopen die samenwerking voort te zetten, zodat de kennis en vragen van voorlopers steeds beter hun weg vinden naar de Europese en Nederlandse kennisagenda.
Zoals tijdens de conferentie treffend werd gezegd: “If we change the way we produce and use knowledge, we can change the way we produce and use food.” Die verandering begint met het erkennen dat waardevolle kennis niet alleen in onderzoeksinstituten ontstaat, maar ook iedere dag in de praktijk.
Wil jij hier meer over weten? Lees hieronder verder en/of neem contact met ons op!
https://fosterfoodsystem.eu/