Uncategorized

Derde toekomstverkenning agrofoodsysteem

Hoe ziet een toekomstig duurzaam en gezond voedselsysteem eruit? Zo’n 50 experts, dwarsdenkers en voorlopers uit het Transitiecoalitie Voedsel netwerk komen in april, mei en juni 2019 bijeen om buiten de bestaande kaders te denken en denkbeelden, scenario’s en transitiepaden te verzamelen. Met als doel om een aantal scenario’s te ontwikkelen als inspirerende input voor het nationale debat over de toekomst van ons landbouw- en voedselsysteem en voor een breed gedragen strategische koers van de Transitiecoalitie Voedsel. De rijkheid aan visies en expertises in de leden- en relatiekring van de Transitiecoalitie Voedsel zijn hiervoor een geweldige basis. De toekomstverkenningen worden geleid door Frederike Praasterink en Pieter Jelle Beers van de HAS Hogeschool, samen met een klein team van mensen uit de Transitiecoalitie Voedsel en de strategiegroep.

Derde en laatste toekomstverkenning: verschillende normen en waarden, maten van radicaliteit en rollen van actoren
In de laatste toekomstverkenningssessie uit een reeks van drie stond backcasting centraal: het (verder) identificeren van kansen, obstakels en sleutelmomenten om handelingsperspectief te bieden. Hoe komen we naar die scenario’s? Wie dienen wat te doen en wanneer?

We vertrokken vanuit het heden, want: ‘Zijn we niet al op weg naar deze toekomstbeelden?’, om vervolgens nogmaals kort door de vijf toekomstbeelden heen te gaan die door Frederike en Pieter Jelle op basis van de eerste twee sessies waren uitgewerkt en rondgemaild. Daarmee werden de eindbeelden, en ook de routes ernaartoe steeds duidelijker.

Natuurlijk ging deze uitkristallisatie gepaard met een flinke discussie. Sommigen voelden zich toch wat ongemakkelijk bij een bepaald scenario of hadden het idee dat hun eigen toekomstbeeld was weggedreven van waar het in de kern voor stond. Met name het technologisch-intensieve gemaksgedreven scenario riep weerstand op. Een aanwezige akkerbouwer becommentarieerde het scenario en raadde ons aan eerst even goed naar onszelf te kijken, als zijnde liever lui dan moe. Hij noemde het idee dat technologie het allemaal wel zou oplossen ‘blabla’. We praten liever dan dat we verreikende actie ondernemen. Aanwezige biologische agrariërs achtten het hi-tech scenario ver weg van een gewenste gezonde toekomst. Echter, toen er gevraagd werd of dit scenario wegens onwenselijkheid verwijderd moest worden, klonk er volmondig nee! Want het moest schuren, of zoals Pieter Jelle verwoordde: ‘zonder wrijving geen glans.’ En zo geschiedde. De deelnemers verdeelden zich over 5 groepen die een bepaald scenario verder uitwerkten naar wie wanneer wat moest gaan doen om tot dit scenario te komen.

De meningen verschilden over de benodigde mate van radicaliteit. Van kleine stapjes, door met behulp van experimenten aan de randen van het gevestigde systeem ‘niches’ op te bouwen voor duurzamere vormen van productie en consumptie, tot grote stappen, door buiten het bestaande systeem om met een selectieve groep van baanbrekende bedrijven, beleidsmakers en wetenschap eens flink orde op zaken te stellen. Kortom, door radicaal te breken met het voorgaande systeem op alle fronten of juist hand in hand en op goede voet met (en progressieve actoren binnen) het gevestigde systeem.

Los van de verschillende maten van radicaliteit zagen we ook dat er per scenario andere doelgroepen centraal stonden. De personalized foodgroep bijvoorbeeld, redeneerde vanuit de consument: ‘die krijgt weer de zeggenschap over zijn/haar voeding’. De ecologisch-intensiefgroep beredeneerde vanuit de natuur en de alles-in-balansgroep met name vanuit de positie van de boer. Binnen de voedselgemeenschappengroep kwamen de burger en boer zelfs geheel samen tegenover het high-techscenario waar geen boeren meer over zijn, slechts high-tech voedselondernemers en foodhackers:‘Die kunnen met zijn allen nog iets veel gavers maken waardoor we straks veel korter koken en veel langer eten’ aldus Pieter Jelle.

Tot slot
Pieter Jelle en Frederike riepen op om ook na deze sessies ideeën binnen de groep te blijven delen. Het proces van input en terugkoppeling loopt tot aan september.

Vervolgens was het woord aan Willem Lageweg: ‘We gaan hier in september met de strategiegroep op door. We willen de variëteit van de beelden in acht nemen, want het zijn autonome processen, maar technologie en kapitaal denderen sowieso door. Dan is de vraag: moeten we ons hier in proberen te mengen of gaan we ons richten op zaken waar we wel invloed op hebben? Dat keuzeproces gaan we na september in.’

Tot slot was het woord aan Frederike: er wordt nog gekeken naar publiciteit en mogelijke kwantificatie van een toekomstbeeld door HAS studenten. En iedereen werd zeer hartelijk bedankt voor alle waardenvolle bijdragen aan deze toekomstverkenning!

X